De vismarkt was vroeger een rivierhaven en vormde het hart van de Leuvense economie. Bij de aanleg van de vaart tussen Leuven en Mechelen in de 18e eeuw verloor deze aanlegplaats snel haar betekenis. De Dijle stroomde via de open Craenendonk langs de gevels van het huidige Belgacomgebouw. Rond 1879 werd de Dijle verlegd en overwelfd vanaf de Craenendonk.
Het plein bezit nog veel historisch gebouwen en een aantal aangename cafés. Toch is er relatief weinig ruimte voor voetgangers aangezien het grootste deel van het plein gereserveerd is voor parkeerplaatsen.
De Dijle kan vanaf het Conservatorium tot aan de samenvloeiing en splitsing in de Karel van Lotharingenstraat opengelegd worden. Door het herstel van dit open water in het historisch stadscentrum kan de Vismarkt uitgroeien tot een toeristische trekpleister.
Uiteraard zal de Vismarkt geheel of gedeeltelijk verkeersvrij gemaakt moeten worden. Een terrasje aan het open water op een oud plein vormt hiervoor een aantrekkelijk alternatief. Deze terrasjes naast de Dijle kan men iets lager aanleggen dan de rest van het plein zodat een trapsgewijze overgang onstaat van het pleingedeelte via de terrasjes naar de Dijle. Hierbij is ook ruimte voor een vooroever waarin riet en andere oeverplanten voorkomen.